Organisatie

Een montessori-groep wordt gevormd door kinderen van verschillende leeftijden om een natuurlijke sociale omgeving te scheppen. De jongere kinderen worden door het werken met oudere kinderen gestimuleerd. Oudere kinderen kunnen jongere kinderen helpen. Kinderen leren zo oog te hebben voor iemand die hulp nodig heeft en waar zij hulp vandaan kunnen halen. Wij hebben gekozen voor groepen met twee jaargroepen: In de onderbouw zitten kinderen van groep 1 en 2 in de klas, in de middenbouw groep 3 en 4, in de tussenbouw groep 5 en 6 en in de bovenbouw kinderen van groep 7 en 8. 

Voorschool

Wat is een voorschool?

Op De Meidoorn kunnen peuters gebruik maken van de voorschool. Een voorschool is een vorm van peuteropvang voor kinderen van 2 tot 4 jaar waar met een educatief programma wordt gewerkt. Dit betekent dat peuters in hun spel zó gestimuleerd worden, dat ze zich zo breed mogelijk kunnen ontwikkelen. Zelf initiatieven nemen en zelfredzaamheid vergroten staan hierbij centraal. Onze voorschool wordt georganiseerd door AKROS. Om organisatorische redenen is de voorschool dit jaar niet in ons pand gevestigd maar een paar huizen verderop in de Chasséstraat op nummer 91. 

Wat doen we op een voorschool?

Een educatief programma biedt kinderen houvast: kinderen weten wat ze kunnen verwachten. Kinderen kunnen naar hartenlust spelen in de verschillende speelhoeken. Ze knutselen, maken muziek, lezen samen prentenboeken en nog veel meer. Op een groep zitten maximaal 12 kinderen met twee pedagogisch medewerkers, zodat er voldoende aandacht en begeleiding voor ieder kind is op zijn/haar niveau. Op voorschool de Meidoorn werken we met het programma Puk & Ko.

Educatief programma Puk & Ko

Puk & Ko is een totaalprogramma voor peuters. De taalontwikkeling staat voorop, maar ook sociaal communicatieve vaardigheden en een eerste oriëntatie op rekenen komen aan bod. De activiteiten in Puk & Ko zijn verdeeld over tien thema’s die passen bij de belevingswereld en ervaringen van peuters. Info: www.pukenko.nl.

Samenwerking voorschool en basisschool

De voorschool werkt nauw samen met de basisschool. Beiden werken met hetzelfde educatieve programma, zodat er sprake is van een doorgaande leerlijn. Basisschool De Meidoorn biedt Montessori onderwijs. Op de voorschool worden daarom ook Montessori elementen toegepast om deze leerlijn te versterken.

Samenwerking met ouders/verzorgers

Ouders/verzorgers spelen een belangrijke rol op de voorschool. Er wordt regelmatig met u gesproken over hoe het met uw kind gaat. U wordt op de hoogte gehouden van het programma op de voorschool en er zijn mogelijkheden om een dagdeel mee te draaien. Ook wordt u uitgenodigd om – onder begeleiding van een Oudercontactmedewerker – mee te doen met VVE Thuis: een programma om activiteiten, gekoppeld aan het thema op de groep, met uw kind thuis te doen. Info: VVE thuis.

Openingstijden

Voorschool AKROS De Meidoorn is geopend op maandag t/m vrijdag van 8.30 – 13.30 uur.

Kosten en toeslagen

Voor voorscholen gelden dezelfde tarieven als voor kinderopvang. U kunt een inkomensafhankelijke toeslag in de kosten krijgen via de Belastingdienst (2 – 4 jaar) of Gemeente Amsterdam (2,5 – 4 jaar). AKROS kinderopvang helpt u op weg met het tijdig regelen van de financiering.

Informatie, rondleiding en aanmelding

Voor informatie, rondleiding, direct aanmelden kunt u contact opnemen met AKROS kinderopvang.

AKROS kinderopvang
Balboastraat 20 B-4
1057 VW Amsterdam
020 – 261 05 09
voorschool@akros-amsterdam.nl
www.akros-amsterdam.nl

 

Onderbouw

Bij de jongste kleuters ligt de nadruk op het wennen aan het naar school gaan en het vinden van een plaatsje in de groep. Sociaal-emotionele ontwikkeling krijgt veel aandacht.
In de klas heeft alles een vaste plaats, zodat de kinderen zelfstandig hun weg kunnen vinden en ook weten hoe er opgeruimd moet worden.

In de groep staan kasten waaruit de kleuters zelf hun werkjes mogen kiezen. Er is veel Montessori-materiaal aanwezig waarmee de kinderen zich voorbereiden op lezen, rekenen en schrijven.

Zo wordt de pengreep geoefend en hebben wij werkboekjes samengesteld waar kinderen het voorbereidend schrijven in oefenen. Wij gebruiken het eerste oefenboekje van de methode Pennenstreken. Op het digibord wordt ook aan voorbereidend schrijven gewerkt.

Het lezen wordt gestimuleerd met leeskisten waaruit wordt voorgelezen. Met schuurpapieren letters en cijfers leren de kinderen een groot aantal symbolen. Om de woordenschat uit te breiden, wordt gewerkt met o.a. Ko-flexibel en eigen thema’s..

Om richting te geven aan de kwaliteit van ons onderwijs en de zorg voor het jonge kind volgen wij de kinderen door middel van de leerlijnen (waaronder taal- en rekenleerlijnen) in Parnassys. Daarnaast werken wij met ‘Zien!’[1] dat ons een beter en sneller inzicht kan verschaffen in de sociaal-emotionele ontwikkeling. Wij nemen geen Cito-toetsen af in de onderbouw.

De school verleent de kinderen ondersteuning bij leer- en ontwikkelingsproblemen.

Middenbouw

In de middenbouwgroepen is het werken is meer taakgericht. Er wordt in deze bouw veel aandacht besteed aan zelfstandigheid en het leren plannen van het werk.

In groep 3 staat het lezen centraal. Is een kind in de onderbouw al toe aan het leren lezen, dan zal het daartoe in de gelegenheid gesteld worden. In de middenbouw gebruiken we voor de leerlingen van groep 3 de methode ‘Veilig Leren Lezen’. Kinderen in groep 3 en groep 4 maken ook naar keuze gebruik van ‘Jippie’ (een methode voor begrijpend lezen).

Begrijpend lezen oefenen de kinderen van groep 4 met de methode ‘Speurneus’ en ‘Lezen in Beeld’.
In groep 4 worden ook de ‘tafels’ 1 t/m 10 geleerd. Verder werken de kinderen met de rekenmethode ‘Reken Zeker’ en met de taal- & spellingsmethode ‘Taal en Spelling op maat’. Voor het schrijfonderwijs gebruiken we in groep 3 en groep 4 de methode ‘Pennenstreken’.

Voor oriëntatie op de wereld zijn we dit jaar begonnen met de methode Naut Meander Brandaan.  Aan de hand van thema’s als Dag en Nacht, Gezond Eten en Overal Water geven de leerkrachten lessen over natuur & techniek, aardrijkskunde en geschiedenis. In de MB mogen de kinderen (op eigen initiatief) een spreekbeurt en een leesbeurt/boekbespreking houden.

In de MB worden voor het eerst Cito-toetsen afgenomen: de DMT-toets voor technisch lezen, spelling en rekenen.

Tussenbouw

In de tussenbouw borduren we verder op wat de kinderen in de middenbouw geleerd hebben. Hier staan de basisvaardigheden: lezen, taal, rekenen en schrijven centraal.

De TB en de BB werken met begrijpend lezen methode ‘Lezen in Beeld’ en ‘Nieuwsbegrip’, met de rekenmethode ‘Reken Zeker’ en met de taal/spellingmethode ‘Taal op maat’ en ‘Spelling op maat’. In de tussenbouw starten de kinderen met Engels. We gebruiken de methode ‘Take it easy’.

Om de wereld te begrijpen hebben kinderen kennis nodig van aardrijkskunde, geschiedenis, natuur en techniek. Voor wereldoriëntatie werken de TB en de BB met Naut Meander Brandaan. Deze methode werkt met thema’s waarin vakken deels geïntegreerd worden aangeboden. Een voorbeeld daarvan is het thema Het ideale huis. Naut (natuur & techniek) laat kinderen nadenken over hun eigen huis. Bij Meander (aardrijkskunde) gaat het over het klimaat in Europa en bij Brandaan komt het Romeinse Rijk langs waarvan nog vele woonhuizen bestaan.

Er wordt ook gewerkt met Blits. Met de methode Blits leren kinderen via de vier onderdelen van studievaardigheden allerlei informatiebronnen te lezen, verwerken en begrijpen. De toetsen van Blits sluiten aan bij de toetsen van het Cito. Ze vormen dan ook een goede voorbereiding op de Cito-entreetoetsen en de verschillende eindtoetsen.

De kinderen maken daarnaast een werkstuk en ze houden een spreekbeurt. Voor de kinderen in groep 5 is het maken van een werkstuk en het houden van een spreekbeurt vrijwillig.

Naast alle eerdergenoemde vakken, krijgen de leerlingen vanaf groep 6 verkeerslessen.

Aan het eind van groep 6 doen de kinderen mee met de Cito-entreetoets voor intern gebruik. In de TB worden Cito-toetsen afgenomen voor technisch lezen, spelling en rekenen.

Bovenbouw

Met het oog op de toekomst heerst er in de bovenbouw een nog duidelijkere werksfeer, waarbij gezamenlijkheid en creativiteit niet vergeten worden. Kinderen hebben geleerd om taakgericht en geconcentreerd te werken. Zelf de dag indelen is een vaardigheid die de meeste kinderen onder de knie hebben. Vanaf groep 4 bestuderen kinderen dagelijks de dagplanning en bedenken of ze de instructies die voor die dag gepland staan nodig hebben. Als ze zelf aan de slag kunnen, mogen ze zich uitschrijven voor de instructie.

De leerkracht houdt de keuzes in de peiling en bespreekt die met het kind als blijkt dat het kind beter juist wel of net zo goed niet de instructie had kunnen bijwonen.

Net als in de TB werken de kinderen in de BB met Naut Meander Brandaan voor wereldoriëntatie en 21e eeuwse vaardigheden.

De methode Blits wordt gebruikt om te werken aan studievaardigheden en bevat opgaven over kaartlezen, lezen van tabellen, schema’s en grafieken, samenvatten van studieteksten en het opzoeken van informatie.

Verder zorgen het maken van werkstukken, boekverslagen en het houden van spreekbeurten ervoor, dat de leerlingen goed voorbereid naar het voorgezet onderwijs gaan. Topografie is een onderdeel van het lessenpakket dat thuis wordt geoefend en op school wordt getoetst.

In de BB sluiten de kinderen het verkeersonderwijs af met een theoretisch (in groep 7) en een praktisch (in groep 8) verkeersexamen.

Er worden CITO toetsen afgenomen voor technisch lezen, spelling, rekenen en studievaardigheden. Daarnaast doen de kinderen in groep 7 mee met de Entree-toets en in groep 8 met de Eindtoets. De uitslag van de Cito-eindtoets basisonderwijs komt ná plaatsing op het voortgezet onderwijs en speelt dus geen rol in het definitief advies.

Mini Denklab

Op de Meidoorn neemt passend onderwijs een prominente plaats in. Daarom vinden we het belangrijk dit ook te bieden aan leerlingen met een ontwikkelingsvoorsprong.

Het team van de Meidoorn is van mening dat de begaafdheid van een leerling geen vaststaand feit is, maar een interactie tussen aanlegfactoren. Soms is de begaafdheid wel in aanleg aanwezig, maar laat de leerling dit door allerlei factoren nog niet zien. Het is belangrijk om te zorgen dat de aanlegfactoren de kans krijgen tot ontwikkeling te komen. Deze leerlingen moeten o.a. werk op niveau krijgen, zich leren inspannen, goede werk- en leerstrategieën ontwikkelen en de kans krijgen zich te spiegelen aan ontwikkelingsgelijken.

In het Mini Denklab krijgen ongeveer 60 leerlingen uit groep 2 tot en met 8 onderwijs op maat en is er gelegenheid om met ontwikkelingsgelijken om te gaan.

De domeinen die aan bod komen zijn:

  • Leren leren (leren, plannen, evalueren en reflecteren)
  • Leren denken (kritisch en creatief)
  • Leren leven (samenwerken en overleggen, omgaan met falen)

De betrokken intern begeleider (IB) en de Denklab-deskundige (Arianne Dobber) zullen samen bespreken of de leerling geplaatst kan worden.

Arianne heeft informatief contact met de ouders van de leerlingen aan het begin van het schooljaar waarin de werkwijze en de doelen van het Mini Denklab uitgelegd worden. 4 x per jaar (vóór herfstvakantie, kerstvakantie, meivakantie, zomervakantie) wordt met de leerkracht en de interne begeleider geëvalueerd hoe de ontwikkeling van de leerling is geweest en of het zinvol is de leerling de volgende periode opnieuw in het Mini Denklab te plaatsen.

Denklab

Op De Meidoorn is ook een locatie van het Denklab gevestigd. Het Denklab is een klas voor kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong van meer dan anderhalf jaar. Er wordt gewerkt aan het leren leren (leren, plannen, evalueren en reflecteren), het leren denken (kritisch en creatief) en het leren leven (samenwerken en overleggen, omgaan met falen).

De leerkracht van de groep is meer een coach dan een onderwijzer. Het gaat erom dat de kinderen zelf hun talenten en strategiën ontdekken, de leerkracht stuurt bij en stelt vragen om de leerlingen bewust te maken van het leerproces.

Uiteraard wordt in alle klassen aandacht aan deze aspecten besteed maar de ervaring leert dat meer- en hoogbegaafde kinderen daarbij te weinig uitdaging vinden. We hopen dat de bijeenkomsten van het Denklab de kinderen helpt voldoende uitdaging te vinden en gemotiveerd een schoolcarrière te doorlopen.

De intern begeleider bekijkt in samenspraak met de leerkrachten welke kinderen in aanmerking komen. Niet alle kinderen die zijn aangemeld krijgen een plek. De HB-specialisten van de AWBR beoordelen de aanmeldingen. Er is per locatie plaats voor  maximaal 15 kinderen.

Het Denklab wordt gefinancierd door de AWBR, de leerlingen in deze groep kunnen afkomstig zijn van verschillende scholen van het bestuur. De deelnemende kinderen krijgen een dagdeel in de week les buiten hun eigen klas. Arianne Dobber, een van de HB-specialisten van de AWBR en leerkracht van onze school, leidt Het Denklab.

Gym

De leerlingen van de onderbouw krijgen bewegingsonderwijs van de eigen leerkracht in het speellokaal. Dit kan een spel-, muziek-, dans- of gymles zijn. Daarnaast krijgen zij 1x per week bewegingsonderwijs van Bart Konings, een vakleerkracht. De leerlingen van de middenbouw, tussenbouw en bovenbouw krijgen 2x per week bewegingsonderwijs van vakleerkrachten Lydia Doeswijjk en Bart Konings.

In het bewegingsonderwijs wordt er gewerkt met 12 leerlijnen. Balanceren, klimmen zwaaien, over de kop gaan, springen, hardlopen, mikken, jongleren, doelspelen, tikspelen, stoeispelen en bewegen op muziek. Door middel van deze leerlijnen leren de kinderen bewegen zodat zij op basis van plezier een bewuste keuze kunnen maken voor een passende, actieve en gezonde levensstijl. Naast deze leerlijnen leren de kinderen ook veel sociaal emotionele vaardigheden, zoals elkaar helpen, coachen, rekening houden met elkaar, samen problemen oplossen, omgaan met emoties en elkaars veiligheid bewaken.

Voor de gymnastiekles hebben de kinderen een gymzak (bij voorkeur van stof) nodig met hun naam er op. Daarin zit de gymkleding en gymschoenen (geen balletschoenen, want die zolen zijn glad en dus ongeschikt voor de gymzaal). Om schimmelinfecties te voorkomen is het verplicht om gymschoenen te dragen. Deze gymnastiekschoenen moeten witte zolen hebben i.v.m. strepen op de gymzaalvloer. De kinderen mogen die schoenen niet op straat dragen.

Geef uw kind op de dagen dat het gymnastiek heeft makkelijke kleding aan. Het kind mag in verband met de veiligheid geen sieraden, pet of hoofddoek dragen.

De school is niet verantwoordelijk voor het wegraken van kostbaarheden. Merkt u daarom de spullen van uw kind. Gemerkte eigendommen kunnen gemakkelijk teruggegeven worden.

Cultuuronderwijs

Voor de 10e Meidoorn is cultuuronderwijs educatie waar kinderen talenten bij zichzelf leren ontdekken, het is verrijkend. De kinderen ontwikkelen een breed gezichtsveld, ze leren op een andere manier te kijken en doen kennis op vanuit verschillende culturele oogpunten. De kinderen leren creatief te denken. De kinderen leren handelend bezig te zijn met kunst. Ze leren verschillende kunstsoorten kennen, herkennen en ontdekken. Als school bieden we verschillende cultuurdisciplines aan de kinderen. 

De kinderen krijgen wekelijks van vakleerkrachten les in muziek en beeldende vorming volgens een leerlijn van groep 1-8. Daarnaast worden musea en workshops bezocht. En tijdens de tussenschoolse activiteiten wordt het aanbod verbreed (bijv musical, gitaar spelen, zingen in een koor, djembé bespelen, timmeren, mode-ontwerpen, fotografie). 

Meer hierover kunt u lezen in ons Cultuurbeleidsplan.